Hierbij wat info over Hernia: Hernia Nuclei Pulposi ( HNP )

 

Hernia (Hernia Nuclei Pulposi, afgekort HNP):

 

De ruggengraat bestaat uit wervels en tussenwervelschijven (discus). De schedel steunt op de nekwervels, in de rug spreken we van ruggenwervels en laag in de rug van lendenwervels. De staart bestaat uit staartwervels, in de staart zijn geen tussenwervelschijven en slechts een dunne streng zenuwen aanwezig.

Tussen iedere twee wervels zit een schijf stevig bindweefsel, die net voldoende elastisch is om de wervelkolom (waar het kwetsbare ruggenmerg doorheen loopt) soepelheid te geven. Middenin heeft de tussenwervelschijf een met vocht gevulde holte, die als het ware als een stootkussentje fungeert. Soms vermindert de kwaliteit van het bindweefsel van een of meer tussenwervelschijven. Die worden dan minder elastisch en mogelijk zelfs zo broos dat de weke kern naar buiten stulpt. Die uitstulping drukt op het zenuwweefsel, vooral bij de rughernia, zodat pijn en zenuw uitvalsverschijnselen ontstaan.

Afhankelijk van de plaats waar dit zich voordoet en de ernst van de uitpuiling, zullen bepaalde ledematen in min of meerder mate verlamd geraken. Bij een discus hernia van de nekwervels, zullen zowel de voorste als de achterste ledematen niet goed functioneren. Het dier kan niet of heel moeilijk recht. Bij een lager gelegen discus hernia, zullen enkel de achterste ledematen het laten afweten. Het dier zal achteraan zwijmelen, niet recht komen of zelfs volledig verlamd zijn en de ontlasting laten lopen.

Een tweede gebied waar problemen kunnen optreden ten gevolge van hernia is de hals, vanaf de schedel tot de eerste borstwervel. Omdat er in de halswervels meer ruimte zit, zal een hernia hier niet gauw tot verlammingen leiden. Meestal is er alleen maar pijn: de hond kan piepen bij het aanraken van de kop en bij bepaalde bewegingen met de kop, hij heeft een "stijve nek" en houdt zijn nekspieren gespannen. Vaak hebben ze moeite met eten vanuit een etensbak die op de grond staat en met het naar boven kijken wordt niet de kop, maar alleen de ogen naar boven gericht.

In de ergere gevallen kunnen er verlammingsverschijnselen zijn in een van de voorpoten, en ergste gevallen kunnen er verlammingsverschijnselen zijn aan alle 4 de poten, dit komt door het samendrukking van het ruggenmerg.

Een hernia kan optreden in de nek (15% van de gevallen) en in de rug (85% van de gevallen).

 

Op welke leeftijd en waarom:

De reden voor een hernia ligt aan het proces van ver-dwerging van hondenrassen sinds de hond als huishond gehouden wordt. Een van deze "bijwerkingen" is het versnelde verouderingsproces van de tussenwervelschijven.

Veranderingen in de tussenwervelschijven (Hansen Type 1) komen vooral voor bij honden van het Teckel type (chondrodystrofische rassen) zoals de Teckel, Dwertpoedel, Beagle, Cocker Spaniel, Lhasa Apso of kruisingen met deze rassen, maar ook bij de Bulldog, Pekingees, Basset Hound, Shih Tzu en de Jack Russell Terriër komt het voor.

De verandering begint reeds vrij vroeg (2-9 maanden leeftijd) in de discus en klinische symptomen treden meestal op rond de het 3e tot 7e levensjaar. De gemiddelde leeftijd is 5 jaar. Er treed verslapping op van de ringstructuur en een lichte overbelasting tussen de wervels kan doorbreken veroorzaken van de wand met uitbarsten van de centrale inhoud in het wervelkanaal. Deze extrusie van discusmateriaal veroorzaakt dan letsels op het ruggenmerg.

Een schijf heeft twee belangrijke structurele componenten. Er is een taaie, vezelige buitenlaag (wand) die de schijf flexibiliteit geeft en die ook de geleiachtige kern van de schijf onder druk houdt.

Deze componenten van tussenwervelschijven is ideaal voor hun hoofdfunctie van het absorberen (schokdempers) en het beschermen van de krachten die komen te staan op de schijf.

In dwergrassen (lees kleine hondenrassen, niet te verwarren met een dwergteckel, aandoeningen komen voor bij de standaard, dwerg en kaninchen Teckel) verouderd vervroegd de geleiachtige consistentie. De kern word harder en kan niet meer goed de schokken/krachten opvangen.

Ongeveer een op de vier Teckels heeft problemen in zijn/haar leven met tussenwervelschijf-problemen. Er schijnt geen verschil te zijn tussen teven of reuen.

 

 

Nog een zeer interessante link:

 

http://www.dachshund-dca.org/discbook.html

Share This